‘Wandeling van de week’ 49 : Dolf Moesker

’T HARDE – In de rubriek ‘Wandeling van de week’ interviewt Dennis Dekker inspirerende mensen die iets over hun onderscheidende visie, eigenaardige passies of bijzondere dromen vertellen. Deze week loopt Dennis samen met Dolf Moesker (69) uit Hattem. Dolf wandelt veel. Zo is hij één van de Hattemers die talloze stadswandelingen geeft. Maar daarbij is hij vrijwilliger van het Nederlands Artilleriemuseum dat zich bevindt op de zogenaamde ‘Legerplaats bij Oldebroek’ (midden op de N309 tussen Epe en ’t Harde). Daar spreek ik met hem af. Waarom daar? “Ik was hier jarenlang werkzaam als commandant. Maar toen ik na 43 jaar stopte met werken, ben ik meteen door een oud-collega gevraagd als vrijwilliger van het museum.”

De belangrijkste reden waarom Dolf daar teruggevraagd is als vrijwilliger is ontegenzeglijk kennis. Hij weet enorm veel boeiende verhalen te vertellen. Over het terrein, over de gebouwen op het terrein, over de historische verzameling die in en rondom het museum te bewonderen is.

Daarom spreken we dus af bij de poort van deze legerplaats die ook wel Artillerie Schietkamp (ASK) genoemd wordt. Een poort waar alle bezoekers zich moeten aanmelden. Ook al kom je enkel eenmalig op het terrein, de medewerkers aldaar, moeten alles van je weten. En journalisten en tekstschrijvers zoals ik worden misschien wel extra nauwkeurig gemonitord en in de gaten gehouden.

Artillerie Monument

Na inschrijving krijg ik een bezoekerspas. Vervolgens rijd ik vanaf dit zogenoemde ‘benedenkamp’ achter Dolf aan die in zijn auto aan de andere zijde van de poort op me wacht. Als de slagboom opent, loodst hij me over het immense terrein. We passeren onder andere het indrukwekkende Artillerie Monument (waar op 4 mei altijd een ceremonie voor alle gevallenen plaatsvindt, red.) en komen uit op het ‘bovenkamp’. We parkeren pal naast het Nederlands Artilleriemuseum. Dolf begint meteen te vertellen als we de vier vertrekken van dit prachtige museum langs- en doorlopen. “Eerst even over deze legerplaats. Het ASK is de enige plek in Nederland die zo uitgestrekt is, dat hier nog volop geoefend kan worden. Tegenwoordig schieten kanonnen kilometers ver. Dan heb je dus kilometers ruimte nodig om te oefenen. Dat kan hier. Want je weet toch wat een echte artillerist zegt? ‘Schieten is mensenwerk en raak schieten is godenwerk’. Hahaha.”

In het begin sliepen hier vele soldaten in tenten, later kwamen er houten barakken en uiteindelijk werden er stenen gebouwen neergezet. “Zo is de Legerplaats bij Oldebroek ontstaan.” Wat tegenwoordig nog enkele specifieke oefeningen zijn? Dolf somt op. “Er wordt geschoten om te kijken of materiaal nog wel op orde is. Om de toekomstige artilleristen op te leiden en om hun vaardigheden te onderhouden. Dat alles wordt hier nog met regelmaat getest.”

Hessenweg van Doornspijk naar Wezep

We lopen over een brede verharde weg. “Dit is de Hessenweg. Oorspronkelijk was dit een handelsroute die Nederland met Duitsland verbond. Maar nu loopt deze weg van de ene kant van het terrein naar de andere kant van het terrein. Van Doornspijk naar Wezep. Aan de ene kant van de weg is de gemeente Epe, aan de andere kant de gemeente Oldebroek. Deze weg markeert de gemeentegrens.”

Dolf is één van de zeventig vrijwilligers die zich met het museum (en ook met het onlangs geopende Veteranenhuis ’t Harde) bezighouden. “Onderhoud van de gebouwen, rondleidingen geven, gastheer of gastvrouw zijn, we doen het allemaal zelf. We zijn een zeer gemotiveerde groep vrijwilligers die zich graag inzet om deze historische museale collectie te beheren en in stand te houden.” Zo zijn er vele verschillende kanonnen en andere indrukwekkende geschutopstellingen te zien. Soms zijn die wel eeuwen oud. Maar er staat ook veel jongere artillerie die bijvoorbeeld dienst deed op een schip. Alles is hier netjes verzameld en uitgesteld. En bij elk museumstuk waarmee men vroeger volop geschoten heeft, vertelt Dolf wel een verhaal. “Over schieten gesproken: zie je die grote witte mast daar? Eraan hangen twee rode tonnen. Als die hoog in de mast hangen, zoals nu, dan zegt dit dat er een schietoefening gaande is. Die ijzeren tonnen zijn ’s avonds verlicht. Om zeker te zijn dat iedereen ook dan nog goed kan zien dat we hier aan het oefenen zijn.”

‘Monumenten en Ornamenten op de ASK’

Tot 2015 had deze legerplaats een onderhoudsdienst waar Dolf als commandant de leiding over had. “We repareerden tanks, legervoertuigen, van alles wat, van klein tot groot. We deden dat voornamelijk zelf. We hadden erg veel kennis in eigen huis.”

Tegenwoordig is Dolf hier dus veel te vinden als vrijwilliger. Zo geeft hij vele rondleidingen aan gezelschappen. Ook werkte hij samen met een collega-vrijwilliger de afgelopen periode aan (de update van) een boekwerk waarin alle museumstukken en plekken nauwkeurig beschreven zijn. “Dat boekje heet ‘Monumenten en Ornamenten op het ASK’. Later dit jaar zal dat beschikbaar zijn. Het is bedoeld als bron van informatie voor onze rondleiders. Maar wellicht dat we het uiteindelijk ook te koop aanbieden in onze museumwinkel.”

Iets meer over dat museum. Het Nederlands Artilleriemuseum is verdeeld over vier gebouwen. In het eerste gebouw krijgen de bezoekers uitleg over het geschut tot ongeveer het jaar 1800. De periode van het buskruit wordt benoemd, er is geschut te zien uit de Romeinse tijd. In gebouwen 2 en 3 wordt de periode tot en met de Tweede Wereldoorlog gehandeld. In gebouw 4 komt de geschiedenis vanaf 1950 (Nederlands-Indië, maar ook de operationele inzet in Irak, in Afghanistan en in Bosnië) aan bod. “Enkele pronkstukken? Een 105 mm Houwitser M2A1, een 1-tonner van het VRC (vuurregeling centrum). Je kunt wel zeggen dat we hier een enorme collectie met historische waarde hebben.”

Vanaf de witte mast, lopen we richting een hek waar geweerschoten klinken en mitrailleurs ratelen. Diverse militairen doen er vandaag hun oefeningen. Her en der zijn rookpluimen te zien. Dolf wijst. “Zie daar het gebouw van onze eigen brandweerdienst. Die kan snel ingrijpen mocht dat nodig zijn. Er vinden nog wel eens wat brandjes plaats. Het is niet voor niets dat de heide hier zo goed groeit.”

De Woldberg, ook wel de Knobbel genoemd

We lopen terug en komen langs prachtige gebouwen die Onderofficierskantine en Officierspaviljoen heten. “Dat laatste gebouw waren eerst twee losse delen. Ertussen was het hoogste punt van dit terrein, de Woldberg (in de volksmond ook wel de Knobbel) genaamd. Daar stond een zogenaamde herkenningsmast. Toen in 1917 het middenstuk gebouwd is, was er meer ruimte gekomen voor kantoren van de staf. Een gedenkteken aan die herkenningsmast, zie je iets verder nog.” De Onderofficierskantine heet sinds 2001 de Wachtmeester Kruithofkantine, vervolgt hij. “Deze wachtmeester onderscheidde zich aan het begin van de oorlog door eigenhandig twee moderne Duitse tanks te vernietigen met een verouderde vuurmond. Een heldendaad. Dat zorgt uiteraard voor zo’n eervolle vermelding.”

Die eervolle vermeldingen zijn er natuurlijk wel meer te vinden. Elders op het terrein prijkt een gedenkzuil voor een kolonel (Gedenkzuil Van Essen, red.) die een meetinstrument ontwierp waarmee je kanonnen nauwkeurig in richting kon brengen, vertelt hij. Op een andere plek is een prieeltje vernoemd naar een majoor (A. de Jonge) die het voor de sloop heeft behoed en het samen met vele vrijwilligers in ere heeft hersteld. Het ronde huisje met een rieten dak maakt onderdeel uit van het museum en kan tegenwoordig gehuurd worden door gezelschappen. “Als je hier aan het brainstormen bent, dan heb je het mooiste uitzicht uit de regio. Als het helder weer is, kun je de hoogbouw van Zwolle zelfs zien.”

Bunkers

Op het terrein bevindt zich ook nog een bibliotheek/kenniscentrum. Daar lopen we naartoe. “Hier zijn vele oude boeken in te zien. Uiteraard moet dat wel in overleg met vrijwilligers zoals wij. Je moet hier echt een afspraak voor maken.” Intussen vertelt Dolf over het Pesthuis (een gebouwtje waar mensen met een besmettelijke ziekte verbleven) en laat hij een urinoir zien dat gebouwd is volgens de Hollandse Schoolstijl. Er zijn zo veel verhalen, Dolf vult de ene anekdote aan met een andere. Naast dat boekwerk en de rondleidingen is hij in Hattem erg druk met heel veel vrijwilligerswerk. Zoals de eerder genoemde stadswandelingen, maar bijvoorbeeld ook informatiebijeenkomsten over de Hattemse bunkers aan de Geldersedijk. Verder houdt hij zich bezig met de restauratie van enkele houten onderstellen (affuiten) van kanonnen die in Hattem opgesteld staan. Het lijkt wel of hij bijna geen sociaal leven heeft. Toch is niets minder waar. Dolf ruimt juist ook veel tijd in voor zijn gezin, voor zijn kinderen en kleinkinderen. “Je kunt niet op al die plekken tegelijk zijn. Daarom zijn we naarstig op zoek naar nieuwe vrijwilligers. Voor diverse functies. Ook als rondleider inderdaad. Op de site van het museum is daar veel meer over te lezen. Ik zal er alles aan doen om hen de komende periode zo goed mogelijk in te werken. Als ik even reclame mag maken? Dit museum is een erg interessante werkomgeving. Vrijwilligers krijgen hier te maken met vele facetten van de defensieomgeving met talloze interessante bezoekers. Of het nu kinderen zijn die met veel spanning hun verjaardag komen vieren, of scholen die hier een bezoek brengen of groepen militairen die vanuit allerlei disciplines hier naartoe komen. Dit museum is de moeite waard om te bezoeken. Maar het is zeker ook heel erg de moeite waard om je hier als vrijwilliger in te spannen.”

 

De 49e editie van de ‘Wandeling van de week’ heb ik gelopen over het terrein van Legerplaats bij Oldebroek. Dit deed ik met Dolf Moesker uit Hattem.  

 

Wil je lezen over meer wandelingen? Klik dan hier!

‘Wandeling van de week’ 48 : Tjebbe Ruskamp

EPE – In de rubriek ‘Wandeling van de week’ interviewt Dennis Dekker inspirerende mensen die iets over hun onderscheidende visie, eigenaardige passies of bijzondere dromen vertellen. Deze week loopt Dennis samen met Tjebbe Ruskamp (59) uit Epe. Sinds een jaartje of zeven probeert hij dagelijks tussen de 10.000 en de 15.000 stappen te zetten. “Helemaal sinds het thuiswerken in coronatijd, wandel ik veel.”

De reden van die dagelijkse wandeltochten heeft te maken met een operatie. “Op 52-jarige leeftijd moest ik al een nieuwe heup. Sindsdien doe ik er alles aan om dagelijks in beweging te blijven zodat mijn spieren soepel blijven. Zullen we een rondje doen?”

Vanaf zijn woning aan de Lohuizerweg lopen we de Burgemeester Van Walsumlaan op. Daar blijkt al gauw dat de daadwerkelijke reden van deze wandeling niet de dagelijkse stappen zijn. Tjebbe wil het graag hebben over de huidige oorlog in het algemeen en de hulp aan de talloze gevluchte Oekraïners in het bijzonder.

Noodkreet

Een paar weken geleden, toen de oorlog net uitgebroken was, waren Tjebbe en zijn vrouw Joan één van de eerste echtparen uit Epe die zich hadden aangemeld voor de opvang van eventuele gevluchte Oekraïners. “Ons huis is groot genoeg. We willen graag iets doen. We hebben er niet lang over nagedacht en zijn begonnen. Je appt wat heen en weer en er is zo een groep geformeerd.” Lilianne Kalinowska, de schoondochter van een bevriend echtpaar uit Epe komt oorspronkelijk uit Oekraïne. “Ze hoorde de schrijnende verhalen uit haar thuisland en kwam met een noodkreet. Vang gevluchte mensen op, zamel geld in. Doe iets.”

Er gingen reden mensen uit Epe en Heerde naar de Poolse grens. Er kwamen initiatieven om geld in te zamelen. “Er gebeurde iets. Er gebeurde heel veel. Epenaren zetten zich in, met hulp van de gemeente en diverse instanties.” Via een concertenmiddag in de Grote Kerk in Epe werd er een paar weken geleden meer dan 34.000 euro opgehaald. Daarbij coördineren Joan en Tjebbe de gemeentelijke vluchtelingenopvang. “Eigenlijk doet Joan dat. Zij staat in de frontlinie, zij is de spil in het web in onze gemeente. Ik help waar ik kan, maar zij verdient de echte credits.”

Werpster

Aan het eind van de Burgemeester Van Walsumlaan nemen we een zandpad genaamd de Jaglustweg. Die lopen we helemaal af. Intussen vertelt Tjebbe dat die verschrikkelijke oorlog lokaal vele bijzondere verhalen oplevert. Zo wierp iemand zich spontaan op als taxichauffeur. “Hij reed diep Oekraïne in en nam veel personen mee terug naar de Poolse grens. Eén van hen was een 10-jarig jongetje. Zonder ouders. Z’n moeder was jaren geleden uit beeld geraakt, z’n vader vocht aan het front. Hij ging mee naar Nederland en werd door de sympathieke taxichauffeur op het vliegtuig gezet naar Spanje. Daar woonde een familielid van hem.” Bij het inchecken op Schiphol zou het overigens nog bijna mis gaan, lacht Tjebbe. “De jongen werd eruit gevist door de marechaussee. Hij had namelijk een scherpe werpster in zijn tas. Hij vertelde dat hij Poetin daarmee wilde vermoorden. Hij was erg boos over wat de Russische president met zijn land doet. Gelukkig liep het allemaal goed af. Uiteindelijk is hem de werpster afgenomen en mocht hij het vliegtuig in. Hij is veilig aangekomen in Spanje.”

Google Translate

Joan en Tjebbe hebben zelf een Oekraïense moeder met haar dochter en een andere vrouw (mannen zijn verplicht gesteld om in het land te blijven, red.) opgevangen. “Ze spreken bijna geen Engels. Dat is soms lastig, maar de app Google Translate helpt goed.” Het echtpaar Ruskamp is erachter gekomen dat het voor zowel de gasten als het gastgezin fijner is om een apart huishouden te hebben, vooral als het voor langere tijd is. “Bij ons zaten ze letterlijk in hetzelfde huis. Ze zijn erg dankbaar, maar alleen hun slaapkamer was écht een privéruimte.” Omdat Joan merkte dat het meisje van 9 zich steeds meer terugtrok en aan de andere kant opleefde met leeftijdsgenootjes/andere kinderen, is ze op zoek gegaan naar een nieuwe match, aldus Tjebbe. “En die was snel gevonden: bij mensen met 2 kinderen van haar leeftijd en een eigen huishouden. Iedereen blij!”

Bij het andere tijdelijk adres kunnen de drie vluchtelingen beschikken over een eigen kamer, keuken en slaapkamer. “Dat moet voor hen toch wat rustiger zijn. Ze hebben de mogelijkheid om hun eigen gerechten maken, ze hoeven bijna geen rekening te houden met de eigenlijke bewoners van het huis.” Dat is natuurlijk ook een tussenoplossing, weet Tjebbe. Met hulp van organisaties zoals Vluchtelingenwerk en met hulp van de gemeente Epe, is er gezocht naar enkele locaties waar de (in totaal ongeveer zestig) Oekraïense vluchtelingen samen kunnen wonen. In een nabij gelegen Fletcher-hotel in Vierhouten bijvoorbeeld. Of op een vakantiepark in Doornspijk. “Het is goed dat dit gebeurt, want het blijkt dat men ook veel behoefte heeft aan contact met andere landgenoten die in hetzelfde schuitje zitten.”

‘Traumatische ervaring’

De sympathieke acties van Joan en Tjebbe en enkele andere Epenaren zijn meer dan nobel te noemen. Toch wuift Tjebbe dat compliment snel weg. “Joh, je doet wat je kan. Wij staan graag voor anderen klaar. En wij niet alleen! Het is geweldig te merken hoe iedereen de helpende hand uit de mouwen steekt. Daarbij komt: wat zou er mis kunnen gaan? Deze mensen hebben een traumatische ervaring achter de rug. Die worden door telefooncontact met het thuisland dagelijks geconfronteerd met platgebombardeerde steden, buurten en zelfs eigen huizen. Ze hebben niks meer. Natuurlijk wil je dan helpen. Bed, brood, onderdak, kleding, het maakt niet uit wat.”

Aan het eind van de Jagtlustweg lopen we de Elburgerweg op en keren bij de Lichttorenweg weer om. Tjebbe kijkt op zijn horloge. “Even de tijd in de gaten houden. Ik moet op tijd weer terug zijn, want we gaan met onze drie gasten naar hun nieuwe tijdelijke thuis verhuizen.”

Reflecteren

De lange zandweg komt uit op de Lohuizerveenweg. Daar slaan we rechts af om meteen links te gaan, de Schotweg op. Tjebbe vertelt dat het wandelen er bij hem voor heeft gezorgd dat hij ook nog altijd andere sporten kan doen. “Skiën, mountainbiken, ik doe het graag. Maar tijdens zo’n wandeling heb je veel meer tijd om te reflecteren, om nieuwe dingen te verzinnen.” De Epenaar die als projectmanager bij ProRail in dienst is, is veelal vanuit huis aan het werk. “Online meetings zijn sinds corona steeds gebruikelijker geworden. Het is dan heerlijk om af toe even een spontaan rondje te lopen, ter afleiding.”

Over afleiding en spontaniteit gesproken: onlangs reed Tjebbe even een rondje door Nederland met hun tijdelijke gasten. “Ik moest een busje wegbrengen naar Heemskerk. Ik heb onze Oekraïense vrienden dus maar meegenomen. Zodat ze als soort van toerist ook even ons land konden bekijken en afleiding hadden. Zo waren ze niet enkel met die verschrikkelijke oorlog bezig.”

Daarna heeft het stel de trein terug naar huis genomen. Op Amsterdam Centraal is er nog even een stop gemaakt. “Ik wilde hen het centrale plein de Dam laten zien. Toevallig was daar net even een demonstratie tegen de oorlog van een stel, van oorsprong Oekraïense, Nederlanders. Dat was wel een bijzonder moment. Ik merkte dat ze ontroerd waren door wat ze zagen en door wat er gezegd werd.”

De Schotweg die aan het eind verhard is geworden, kronkelt terug naar het huis van Tjebbe en Joan. Het is nog maar een klein stukje. Mijn wandelmaatje kijkt op zijn telefoon. “Aha, het is bijna half 5. Ga je nog even mee naar hun nieuwe tijdelijke thuis? Ik zou het leuk vinden als je ze even ontmoet. Dan snap je meteen waarom Joan en ik ons hier zo voor inzetten.”

 

De 48e editie van de ‘Wandeling van de week’ heb ik gelopen met Tjebbe Ruskamp uit Epe.  

 

Wil je lezen over meer wandelingen? Klik dan hier!

‘Wandeling van de week’ 46 : Charlotte de Haas

EPE – In de rubriek ‘Wandeling van de week’ interviewt Dennis Dekker inspirerende mensen die iets over hun onderscheidende visie, eigenaardige passies of bijzondere dromen vertellen. Deze week loopt Dennis samen met Charlotte de Haas (50) uit Epe. Charlotte is kunstschilder en maakt voornamelijk portretten. Sinds de eerste coronalockdown is ze veel aan het wandelen. Het blijkt eveneens het begin van een nieuwe schilderliefde. Ze maakt stillevens over natuur in en rondom de gemeente Epe. Dennis wandelt mee en ervaart hoe haar inspiratie ontstaat.

In de voortuin van haar gezellige tussenwoning aan de Eper Gagelstraat staat een bord. ‘Verkocht’. Binnen nu en een paar maanden staat er een verhuizing aan te komen, begint Charlotte enthousiast te vertellen. Samen met haar vriend en met haar zoon verhuist ze naar Vaassen. “Het is een mooie stap in ons leven waar ik veel zin in heb. Naast die aanstaande verhuizing ben ik afgelopen weekend ook nog ten huwelijk gevraagd. We gaan over een paar weken trouwen. Geweldig!”

Vanaf de Gagelstraat wandelen we de Tongerenseweg op. Daar nemen we de afslag richting de Warande. Om via een voetpad de Schietbaanweg op te lopen.  Die nieuwe stappen in haar privéleven, wil ze ook op zakelijk gebied gaan zetten. “Ik heb al jaren een grote voorliefde voor tekenen en schilderen. Ik ben gestart met mijn eigen bedrijf De Haas Creatief, maar ik zou daar graag meer opdrachten voor willen doen.”

Grafisch werk

Deze liefde voor creativiteit, zat er overigens al jong in. “Toen mij als 7-jarig meisje gevraagd werd, wat ik later zou willen worden, had ik een duidelijk antwoord. Ik wilde graag illustratrice worden bij kinderboeken.” Na haar middelbare school kwam ze, mede vanwege die duidelijke mening over haar toekomst, terecht op een grafisch lyceum. “Nadat ik die opleiding had afgerond, ging ik werken bij een reclamebureau. Ik mocht grafisch werk doen voor de art directors. Zo maakten ik tekeningen voor bij presentaties bijvoorbeeld.” In de loop der jaren is dit werk overgenomen door computers en de steeds geavanceerder wordende grafische programma’s. Maar haar liefde voor tekenen en schilderen bleef. “Ik deed voorheen een workshop bij Ben Aa in Epe en volg nu schilderles bij Zinkwit, een instituut voor kunst in Zwolle. Daar leer ik erg veel. Zo maak ik onder meer portretten van bekende Nederlanders of van internationale filmsterren en artiesten.”

Schilderijen waarbij Veluwse natuur centraal staat

Sinds de eerste coronalockdown is er een nieuw schilderthema bijgekomen. “Ik ben met een vriendin regelmatig gaan wandelen. We genoten van de natuur, maar ik wilde sommige momenten ook graag vereeuwigen. Een bloem bijvoorbeeld, of planten of bloesemknoppen in de bomen. Ik nam mijn telefoon mee, fotografeerde bijna elke wandeling wel wat en ben aan de hand van die foto’s natuurschilderijen in olieverf gaan maken.” Zo is er een voorzichtige serie ontstaan waar de prachtige Veluwse natuur centraal staat. De volgende stap? “Ergens exposeren. Of mensen interesseren om mijn werk aan te schaffen. Nu lijkt het nog een beetje of ik heel veel doe. Dat ga ik de komende periode stroomlijnen. Er komt een website en ik ga letterlijk de boer op met mijn werk.”

Bloemist benadert Henny Huisman

Al werkt Charlotte bij een heel ander bedrijf (ze is bloemist bij Bloemparadijs in Epe, red.), af en toe verdient ze al wel geld met haar schilderijen en andere creatieve uitingen. “Zo doe ik wel eens klussen voor horecagelegenheden waarbij ik met pastelkrijt mooie typografieën en tekeningen maak.” De menu’s van die eetcafés worden eens in de zo veel tijd veranderd, vult ze aan. “Met als gevolg dat de presentatieborden ook aangepast moeten worden. Ik vind dat erg leuk om te doen, maar het blijft vooralsnog een beetje in het hobbymatige hangen. Ik wil meer, ik wil er deels mijn werk van maken.”

Via de Schietbaanweg lopen we de Kolthovenweg, de Schotweg en de Rietberglaan op. Daar vertelt Charlotte dat ze binnenkort een bekende Nederlander blij gaat maken met één van haar meest recente werken. “Ik was onlangs bij een theatervoorstelling. Daar zag ik Henny Huisman. Hij zat een paar rijen achter me in het publiek. In de pauze ben ik brutaal naar hem toegestapt en heb ik gevraagd of ik een schilderij van hem mocht maken. Ik heb hem laten zien wat ik de afgelopen tijd zoal gemaakt heb en hij werd enthousiast. We hebben vervolgens mailcontact gekregen en hij stuurde een foto waarbij hij achter het drumstel (Huisman was voor zijn carrière als presentator en programmamaker, drummer in de Nederlandse band Lucifer, red.) zit. Hij zou van deze foto graag een schilderij krijgen.” Een mooie opdracht waar Charlotte de afgelopen tijd erg druk mee was. “Dit schilderij is net klaar. Ik heb hem gemaild en hij is razend enthousiast. Hij wil het werk zelfs meteen gaan gebruiken voor een expositie in Hoorn die vanaf 18 maart te zien is in het Museum van de 20e Eeuw. Super!”

De Haas Creatief

Na de Rietberglaan en een stukje Officiersweg, slaan we af de Sparrenlaan in. Via de Ballastputweg nemen we de zandweg richting Sportpark De Wachtelenberg. Charlotte spreekt haar wens uit. “Ik hoop natuurlijk een beetje dat ik via bekenden van Henny ook enkele opdrachten krijg. Ik loop er namelijk nog best vaak tegenaan dat mensen mijn schilderijen te duur vinden. Dat valt reuze mee als je weet hoe lang ik er mee bezig ben. Vaak heeft men geen idee hoeveel tijd er in gaat zitten.” De reeks natuurschilderijen zorgt er in ieder geval voor dat Charlotte de Haas (bekijk haar zakelijke facebookpagina vooral ook eens) steeds meer regionale bekendheid krijgt. “Ik hoop oprecht dat ik hier een paar dagen per week mijn werk van kan maken.”

Als we de Wachtelenbergweg en de Grintgroeveweg links hebben laten liggen, lopen we dwars door een bosje (waar Charlotte nog even snel gefotografeerd wordt) de Burgemeester Van Walsemlaan op. Ter hoogte van de Willem Tellstraat deelt Charlotte haar jeugddroom nog eens. “Na al die jaren zou ik nog altijd erg graag de illustraties bij een kinderboek maken.”

Bloesemknoppen

Bij het Sweerts de Landas Park worden nog snel even wat boomtakken met dichte  bloesemknoppen gefotografeerd. In tegenlicht, zodat er een mooi randje om de knoppen te zien is. Want je weet natuurlijk nooit of het uiteindelijk een schilderij oplevert. “Ik heb de afgelopen jaren wel gemerkt dat dit bij me hoort. Het moet er uit. Die creativiteit moet er uit.”

De, onlangs verkochte woning van Charlotte is bijna in zicht. Daarover gesproken: “Hier schilderde ik vanwege ruimtegebrek altijd in de woonkamer. Dat was niet ideaal. We verhuizen naar een plek in Vaassen waar we veel extra mogelijkheden hebben. Daar krijg ik den duur ook mijn eigen atelier. Dat wordt ongetwijfeld een volgende, nieuwe stap in het professionaliseren van De Haas Creatief.”

 

De 46e editie van de ‘Wandeling van de week’ heb ik gelopen met kunstschilder Charlotte de Haas uit Epe.  

 

Wil je genieten van meer wandelingen? Klik dan hier!

‘Wandeling van de week’ 45 : Cora de Groot

HATTEM – In de rubriek ‘Wandeling van de week’ interviewt Dennis Dekker inspirerende mensen die iets over hun onderscheidende visie, eigenaardige passies of bijzondere dromen vertellen. Deze week loopt Dennis samen met Cora de Groot (46) uit Hattem. Cora en Dennis kennen elkaar zo’n 33 jaar. Op de middelbare school in Heerde zaten ze jaren bij elkaar in de klas. De wandeling was dus ook zeker in het leven geroepen om even gezellig bij te kletsen. “Verder weet ik eerlijk gezegd helemaal niet of ik wel interessant genoeg ben om een verhaal over te schrijven”, meldt Cora bescheiden.

Toch blijkt niets minder waar. Cora houdt van bewegen in het algemeen en wandelen in het bijzonder. Da’s alvast één goede reden voor deze wandeling. Later meer daarover.

Bloemenzaak in Heerde

Want bovenal weet ze tijdens dit gesprek ook heel goed haar grote passie in het leven over het voetlicht te brengen: het omgaan met mensen. Dat was altijd al zo. Misschien heeft het werken in de winkel van haar ouders daar wel aan toe bijgedragen. Haar ouders waren ooit mede-eigenaar van een bloemenzaak in Heerde. “Mijn broer en ik hielpen daar graag mee. Dat was heerlijk om te doen. De omgang met mensen is prachtig. Hoe leuk ook: wij beiden hadden nooit een seconde het idee om deze winkel over te nemen. Ook niet toen mijn vader er jaren geleden mee stopte. Het contact met mensen was erg leuk, maar we zagen ook wel dat het enorm hard werken was. Je was continu met je werk bezig. Het hield nooit op. Ook lichamelijk was het zeer zwaar. Daarbij hebben onze ouders altijd gezegd dat we iets moesten gaan doen dat we echt leuk vonden. Mijn broer en ik zijn dus door gaan studeren.”

Na haar hbo-studie Personeel en Arbeid ging Cora vanaf 1999 aan de slag in de uitzendwereld. “Sindsdien heb ik onder meer ruim twintig jaar bij een technisch uitzendbureau gewerkt. Daar heb ik zo ongeveer alle functies wel bekleed. Recruiter, intercedent, vestigingsmanager. Natuurlijk hebben die banen allemaal één gemeenschappelijker deler: mensen.”

De Hanzeboog

Even terug naar dat wandelen. Cora doet dat al jaren met heel veel plezier. Toen ze met manlief Jan ging samenwonen, wandelden ze samen bijna elke avond een blokje. “Dit om rust in het hoofd te krijgen na een drukke werkdag.” Vanaf hun huis aan De Dinkel lopen we de Vechtstraat uit, richting het winkelcentrum. Daar gaan we schuin rechts en lopen we via de Kamperhoeve en Rostock links de Gapersweg op. Deze slingert naar de spoorlijn toe. Vervolgens lopen we over de iconische rode spoorbrug (De Hanzeboog) over de IJssel.

Cora vertelt verder over de relatie die haar gezin met bewegen heeft. “Toen onze dochters Meike en Marit (die inmiddels achtereenvolgens 16 en 13 jaar zijn, red.) geboren zijn, gingen we er hoofdzakelijk in de weekenden erop uit; wandelen en fietsen.” Maar door de twee drukke banen en het drukke gezinsleven werd het bewegen allemaal steeds minder, zo meldt ze eerlijk. “Ik stortte me naast het werk voornamelijk op koken, huishoudelijk werk en het helpen van onze twee kinderen met bijvoorbeeld huiswerk. Dan heb je ’s avonds geen puf meer om de bank af te komen. Dat liep eigenlijk door tot aan de eerste lockdown.”

Toen ze vlak na het begin van de coronacrisis hoorde dat haar baan vanwege een reorganisatie stopte, hakte dat gegeven er flink in. “Ik was daar eerlijk gezegd best kapot van. Ik had me jarenlang vol voor dat bedrijf ingezet. Het voelde oneerlijk.” Vanwege het stoppen van haar drukke baan, kwam er meer ruimte voor ontspanning. “Die eerste lockdown zorgde er ook bij ons voor dat we weer wat meer met ons gezin wilden wandelen. Wat bleek? Ik had de eerste keren totaal geen energie. Ik kon nog geen kilometer lopen.” Het ontslag bleek heftiger aangekomen te zijn, dan gedacht. “Ik zat tegen een burn-out aan. Daar kwam ik toen ineens achter.”

‘Werken met mensen’

Mede om die reden zocht ze eerst naar een totaal andere baan. “Ik wilde de uitzendwereld vaarwel zeggen en ben een traject gestart om een zijstroomopleiding te gaan doen zodat ik lerares kon worden. Ik wilde les te gaan geven op een (basis)school.” Na enkele gesprekken met diverse partijen, kwam ze toch tot een ander inzicht. “De banen in het onderwijs lagen niet voor het oprapen. Dat is toch een onzekerheid.” Toch leverde deze zoektocht ook wat op: ze krabbelde op, kreeg haar gevoel van eigenwaarde terug en ging weer wandelen en fietsen. “We hebben het blokje om weer opgepakt en gelukkig hadden we ook nieuwe fietsen gekocht die we heel veel hebben ‘uitgetest’. Was ook echt nodig, want fysiek was het niet zo best met mij.”

Door veel te wandelen en fietsen werd dat gelukkig snel beter. Sinds september 2021 ben ik ook nog twee keer per week gaan sporten bij een sportschool. Dat deed me erg goed.” Cora viel 15 kilo af en zat uiteindelijk ook psychisch weer goed in haar vel. Daarbij voelde ze het vuur weer aanwakkeren en opnieuw ontbranden voor haar grote passie. “Werken met mensen. En meehelpen om die mensen aan het werk te krijgen.” Ze stond weer open voor een baan in de uitzendbranche. “En we gingen weer wandelen. Zo vaak dat onze dochters er op een gegeven moment niet meer met ons mee wilden. ‘Alweer een rondje lopen?’, vroegen ze dan. Ze fietsen nu alleen nog van en naar school in Zwolle.”

Spin in web bij Get Work Dronten

Inmiddels werkt Cora al weer een jaar met heel veel plezier voor de uitzendorganisatie Get Work. Eerst vanuit de vestiging in Epe als corporate recruiter. En nu zit ze volledig op haar plek in de vestiging in Dronten. “Daar doe ik van alles wat. Als corporate recruiter ben je vooral als eenling aan het werk. Ik wilde graag meer contact met collega’s. Ik wilde graag meer met mensen werken.” In Dronten voelt Cora zich dus als een spin in het web. “Gesprekken voeren met werkzoekenden, gesprekken voeren met werkgevers, intercedent of accountmanager zijn: ik mag alles doen. Fantastisch toch? Ik heb veel contact met werkzoekenden en opdrachtgevers en kan volop sparren met mijn collega’s.”

Via De Hanzeboog lopen we langs Park Het Engelse Werk richting die andere brug: de Oude IJsselbrug (ook wel Katerveerbrug genoemd). Voor de tweede keer in een half uur tijd, lopen we de machtige IJssel over. “Mooi rondje is dit hè? Kijk links, kijk rechts, je bent er écht even helemaal uit, als je hier loopt.” Via de Zuiderzeestraatweg en de Geldersedijk, nemen we bij Boertjesland de afslag rechts en lopen we de Hattemse woonwijk weer in. Cora concludeert tijdens die laatste meters van deze wandeling dat ze tegenwoordig ‘eigenlijk niet veel anders doet dan ooit in de bloemenwinkel van haar ouders’. “Het omgaan met mensen is essentieel voor mijn werkvreugde. Maar dat gegeven zal bij jou niet anders zijn. Toch?” Ik knik en geef haar gelijk. We lopen het hofje De Dinkel in en nemen vlak voor haar woning afscheid. Ik bedank Cora voor haar tijd en zij stelt lachend nog even een treffende slotvraag: “Erg leuk om na ruim dertig jaar weer even bij te kletsen. Maar weet je wel zeker dat je een verhaal over mij kunt schrijven?”

 

 

De 45e editie van de ‘Wandeling van de week’ heb ik gelopen met Cora de Groot uit Hattem. De route leidt via De Hanzeboog, terug over de Oude IJsselbrug (ook wel Katerveerbrug genoemd). 

 

Wil je genieten van meer wandelingen? Klik dan hier!

‘Wandeling van de week’ 44 : Bertus Stijf

WISSEL – In de rubriek ‘Wandeling van de week’ interviewt Dennis Dekker inspirerende mensen die iets over hun onderscheidende visie, eigenaardige passies of bijzondere dromen vertellen. Deze week loopt Dennis samen met Bertus Stijf (54) uit Epe. Bertus, die het Veluws Eethuis aan de Ericaweg 2 in Wissel bestiert, spreekt daar ook graag af. “Ik ben namelijk verweven met mijn werk. Ik leef voor de horeca.”

Die liefde voor de horeca zat er altijd al in, zo vertelt hij wanneer we de Ericaweg aflopen. Op jonge leeftijd werkte Bertus onder meer bij Hotel Restaurant de Echoput in Hoog Soeren en bij restaurant Dellenhove in Epe. “Bij de Echoput leerde ik drie belangrijke basisregels die in de horeca gelden: zorg voor een goede kop koffie, zorg voor een nette entree, zorg voor een schoon toilet. Dat ben ik nooit vergeten. Tot de dag van vandaag voldoe ik daaraan.”

Honing

Eind jaren tachtig kreeg hij de mogelijkheid om het welbekende café-restaurant Stern aan de Eper Hoofdstraat te gaan bestieren. “Ook hier leerde ik een belangrijke horecaregel die ik nog altijd naleef. Nel Dekker, de vrouw van de toenmalige eigenaar Dries, zei: ‘Doe als honing. Wees lief en zoet voor je gasten. Dan komen ze terug.’ Een gouden regel, vind ik.” De Stern was een horeca-uitdaging waar Bertus zich in 1986 met zeer veel liefde op stortte. “Maar de échte reden waarom ik uiteindelijk zo veel van dit werk ben gaan houden, is gekomen door iets dat ik een jaar later meemaakte.”

Ernstig ongeluk

Het is 7 februari 1987. ’s Avonds laat. Bertus rijdt over de Heerderweg. Hij is op weg naar Heerde. Hij is sinds kort uitbater van café-restaurant De Stern in Epe. Het gaat geweldig, het loopt als een tierelier. Maar ter hoogte van de Adelaarsweg en de Badweg slaat het persoonlijke noodlot toe. Een auto komt uit de Adelaarsweg geschoten en rijdt vol in de zijflank van Bertus’ auto. “Het ging allemaal razendsnel. Het werd meteen zwart bij mij. Ik kreeg later te horen dat het echt een ernstig ongeluk was. Maar ik weet er verder niets meer van.” Maurice Kramer uit Epe vindt hem en slaat direct alarm. De ambulance is snel ter plaatse en Bertus ligt wekenlang in het ziekenhuis. Als hij ontslagen wordt, gaat hij meteen weer aan het werk. Al gauw blijkt dat hij heel veel pijn in de rug heeft. “Ik kon niet gewoon lopen. Ik liep moeilijk, ik waggelde als een eend.” Hij moest in de jaren daarna drie keer achter elkaar geopereerd worden. “Dat kon niet in één keer. Het risico op blijvende verlamming was erg groot.”

De jaren daarna wordt een aantal schijven van zijn verbrijzelde ruggenwervel vervangen door een plastic alternatief. Na het intensieve revalidatietraject pakte Bertus z’n werk op maar ik wilde ook meer. “Ik ging hardlopen. Nog één keer wilde ik laten zien waartoe mijn nieuwe lichaam sportief in staat was.” Naast de lange horecadagen trainde hij voor een halve marathon. “Toen ik die gelopen had, was ik direct ook wel klaar met hardlopen. Ik hou het tegenwoordig liever bij wandelen. Daar geniet ik enorm van. Als ik daar tijd voor heb, hè. Want hier moet ik eerlijk gezegd wel tijd voor maken.”

De Stern nam hij eind jaren negentig over. Hij werd de eigenaar. In 2005 verruilde hij die plek voor het Veluws Eethuis in Wissel. Naast de, nog steeds zeer populaire, midgetgolfbaan zat daar eerst een pannenkoekenrestaurant. Al na een paar maanden maakte Bertus daar een eetgelegenheid van waarbij er kooktechnisch gezien veel veranderd is. “Mijn visie? Werken met verse lokale producten. Enkel biologisch en onbespoten. Vooral veel verschillende groentes. Zoutloos koken, de smaak verkrijg je bij mij door de verschillende kruiden. En centraal in dit alles: ik werk nog altijd met de spreekwoordelijke honing. Ik ben er voor de gasten. Ik noem de bezoekers van het Veluws Eethuisje ook geen klanten. Ik noem ze gasten.”

Sinds het ongeluk is er ook geestelijk iets in zijn aanpak veranderd. “Ik heb, mede door deze gebeurtenis van bijna 35 jaar geleden, geleerd dat er meer is dan alleen geld verdienen. Ik werk niet om geld. Daar heb ik nooit iets mee gehad. Als ik me financieel kan redden, dan is dat voldoende. Ik werk puur voor het contact met andere mensen, voor het contact met andere culturen.” Dienstbaar is zijn middle name, zo is de conclusie. Zijn grote voorbeeld qua liefde voor het vak komt overigens niet uit de horeca, vult Bertus aan. “Mijn vriend Henny Vels is dirigent en arrangeur van het Multi Muzikaal Theater Orkest uit Apeldoorn. Hij laat tijdens zijn werk een enorme passie en drive zien. Daar heb ik veel van geleerd. Zo wil ik ook graag werken.” We lopen via de Oost Ravenweg de Boerweg op. Dan gaan we via de Centrumweg weer de Molenweg op. Terug naar het Veluws Eethuis.

Bertus vertelt intussen graag nog even over de samenwerking die hij met verschillende partijen heeft om zijn verse producten vandaan te halen. “We hebben een eigen kruidentuin van honderd vierkante meter. We werken samen met diverse partijen om onze verse groente te halen. We halen vlees, vis en gevogelte uit de regio.” Deze aanpak maakt dat Bertus en zijn koks sinds een paar jaar zijn opgenomen in het selecte gezelschap van culinaire keukenmeesters genaamd Euro-Toques. “Er is een strenge ballotage geweest, maar we zijn uiteindelijk toegelaten als lid. Dit keurmerk is zeer belangrijk voor ons. Het zegt eigenlijk dat we koken zonder kunstmatige toevoegingen. Dat zet ons regionaal op de kaart.”

‘Multicultureel denken en dat lokaal toepassen’

Naast die lokale producten vergeet Bertus ook andere culturen niet. Dat klinkt tegenstrijdig, maar dat is het niet. Het gaat volgens hem over ‘multicultureel denken en dat lokaal toepassen’. Deze visie heeft Bertus altijd al gehad. Als jongetje woonde hij aan de Bosbesstraat in de Eper Enkwegbuurt. Een volksbuurt, een arme buurt eveneens. Een buurt die mede daardoor ook bruiste van de verschillende culturen. Het heeft hem gevormd in zijn denken. “We zijn ook maar toevallig in Nederland gezet. We hebben gelukkig gehad. Dat voorrecht hebben die andere culturen die hierheen verhuisd zijn niet altijd. Daarom geef ik iedereen een kans. Ik denk multicultureel.” Hoe hij dat onder meer oppakte? “We hebben de afgelopen jaren, voor corona, heel vaak thema-avonden gehad waarbij we bepaalde landen in het zonnetje zetten. Geweldig om te doen. Ik omarm andere culturen. Vind het prachtig om in andere keukens te kijken en daar iets van te leren zodat we dat in onze eigen keuken lokaal kunnen inzetten.”

Sinds 2008 is dat multiculturele aspect ook in Bertus’ privéleven verder uitgediept. Hij kwam Betty Darabnia tegen. De van oorsprong Iranese vrouw veroverde zijn hart. “Betty ondersteunt me in alles wat ik doe. Dat is alvast geweldig. Maar daarnaast verdiep ik me door de reizen die ik met haar maakte veel in verschillende culturen. De reizen door Iran waren wat dat aangaat geweldig. “Regelmatig stond ik ineens in een wildvreemde keuken te koken met de lokale bevolking. Heel inspirerend. Vandaar ook dat mijn vrouw Betty en ik die thema-avonden ooit samen begonnen zijn.”

Dutch Golf Hattem en Brasserie de Konijnenberg

Mede vanwege corona, waren die extra thema-avonden een tijd geschrapt. Bertus vertelt echter dat hij dit ‘binnenkort als alles weer helemaal open is’ zeker weer gaat oppakken. “Niet alleen in Wissel trouwens. We gaan vanaf april ook in Hattem aan de slag. Daar heb ik samen met Dennis Dijkhof van Smaakvol Vaassen de horecatak van Dutch Golf Hattem overgenomen. Wij gaan er samen voor zorgen dat deze Brasserie de Konijnenberg ook qua verse, biologische lokale gerechten weer helemaal op de kaart staat. Dat wordt een geweldige nieuwe uitdaging. Lieve gasten: wees welkom!”

 

 

De 44e editie van de ‘Wandeling van de week’ heb ik gelopen met Bertus Stijf. We wandelden door het buurtschap Wissel. 

 

Wil je genieten van meer wandelingen? Klik dan hier!