Bertine van de Poll uit Putten: ‘Onze Daan is te leuk om te missen’

“Huil maar niet, mama… Ik ben niet ziek. Alleen mijn bloed is ziek.” Haar zoontje Daan zei het meerdere malen tegen Bertine van de Poll. Toch was de strijd tegen leukemie te oneerlijk, en raakte het levensgeluk langzaamaan op. Een jaar geleden is de oudste zoon van deze familie uit Putten op 14-jarige leeftijd overleden. Wat rest is een talloze reeks van herinneringen. Moeder Bertine (40) schrijft deze nog altijd bijna dagelijks van zich af. “Ik wil namelijk dat Daans naam gehoord blijft worden.”

 

Daan is het eerste kind van Bertine en Erik. Een bijzonder kind. Altijd vrolijk, altijd enthousiast. Daan, die eveneens het syndroom van Down heeft, is in bezit van een prachtig karakter. Hij is immer belangstellend, wil steeds delen met anderen. “Hij was puur, had geen schroom. Hij omringde mensen met liefde, was een engeltje op aarde. Dat zal iedereen beamen die hem kende.”
Eind 2011 gaat het mis met Daan. Hij klaagt veel over pijn, blijft steeds vaker thuis. Na vele onderzoeken, wordt er op dinsdag 7 februari 2012 leukemie bij hem geconstateerd. De veilige omgeving rondom Putten (Daan zat op een gewone basisschool, hij had heel veel vriendjes en vriendinnetjes, was het stralende middelpunt van de familie Van de Poll), wordt verruild voor de hel die kanker heet. “Ja, je stapt inderdaad ineens een hel binnen. Daar is niets aan overdreven. Onze dochter Isa zei ooit eens: ‘Hoezo leukemie? Waarom heet het geen stommemie?’ Daar is alles mee gezegd.” Naast Daan en Isa hebben Bertine en Erik nog een zoontje genaamd Thijn.
Al die indrukken en momenten (goed en slecht) van de familie heeft Bertine op papier vereeuwigd. “In eerste instantie op een persoonlijk blog om alle familie en alle belangstellenden op de hoogte te houden van het proces.” In tweede instantie blijkt het echter vrij automatisch een reeks verhalen over een bijzonder kind te zijn. Verhalen eveneens waarin alle belevenissen van de familie Van de Poll beschreven worden. Belevenissen tussen 2011 en december 2015. Dat is namelijk de maand waarin Daan officieel schoon verklaard is door de oncologen van het Utrechtse Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie.

‘Recht uit mijn hart’

De familie probeert in 2015 te denken aan een kankervrije toekomst. Geen nabehandelingen meer voor Daan, hooguit controleafspraken in het ziekenhuis. In de zomer genieten ze volop. Onder andere van een trip naar Disneyland Parijs. En niet veel later volgt er zelfs nog een vakantie. “We waren zo blij dat het beter ging. Toch was er op de achtergrond ook altijd de vrees dat het terug zou komen.”
Die maanden werkt Bertine al haar reeks prachtige schrijfsels uit tot een echt boek (‘Huil maar niet, mama… Alleen mijn bloed is ziek’). De dagboekfragmenten worden aangevuld met terugblikken en eveneens met aandoenlijke foto’s van de vrolijke hoofdpersoon. Het boek komt in februari 2016 uit op Wereld Kanker Dag. De indrukwekkende uitgave over dappere Daan, blijkt een verkoopsucces. De eerste druk van het boek is nagenoeg uitverkocht. Aanvragen komen nu nog binnen vanuit heel het land. Bertine denkt te weten waar dat door komt: “Iedereen wordt in zijn of haar leven wel eens geconfronteerd met kanker. Er zijn daardoor natuurlijk ook ouders genoeg die een ziek kindje hebben. Vaak krijg ik te horen dat ik alles zo eerlijk en puur opgeschreven heb. Dat onderstreep ik, want deze stukjes komen recht uit mijn hart.”

Circusdirecteur

Het is overigens niet alleen maar ellende die er te lezen is. Ondanks alles zijn er ook mooie verhalen te vertellen. Ondanks alles is er gelukkig ook vaak genoeg gelachen. Daan geniet bijvoorbeeld met volle teugen wanneer de CliniClowns langskomen in het ziekenhuis. Waldo, Stip, Plip, hij vindt ze allemaal even lief. “De donderdag had voor hem een gouden randje. Dat wist hij precies: dan kwamen de clowns weer. Hij speelde circusdirecteur met hen, want dat wilde hij later altijd graag worden.” In het boek schrijft Bertine veelvuldig over die mooie relatie tussen hun eigen kleine circusdirecteur en de CliniClowns. Ze komen stiekem binnen met belleblaas, hebben een toverdoekje waarmee ze de zieke cellen proberen weg te toveren. “Daan heeft veel aan hen gehad in het ziekenhuis.”
De maanden na de release van het boek denkt het Puttense gezin echter niet meer aan het ziekenhuis. Ze zijn samen voorzichtig uit het dal aan het klimmen. De KanjerKetting die kinderen krijgen die behandeld worden (iedere kraal staat voor een bepaald facet zoals chemokuurkralen, spoedopnamekralen, operatiekamerkralen) hangt als soort van overwinningstrofee in de woonkamer. Een streng van 885 (!) kleurrijke kralen, het ziet er indrukwekkend uit. “Ik zie ze iedere dag nog hangen. Ja, je wordt geconfronteerd met zijn lijden, maar aan de andere kant zegt het ook wat over zijn onvermoeibare strijd.”

‘Te leuk om te missen’

Dan is het ‘t voorjaar van 2016. Tijdens een middagje shoppen, klaagt Daan ineens over pijn. “Mijn moedergevoel zei me meteen al dat ‘het’ terug was.” Talloze onderzoeken en bezoekjes later (‘we waren er echt helemaal klaar mee’) komt de uitslag: de bloedwaardes zijn goed; er is niets met Daan aan de hand. “Ik kon het niet geloven, hij klaagde zo veel over pijn.”
Na een serie extra onderzoeken is uiteindelijk een beenmergpunctie bij hem gedaan. “Op maandag 2 mei bleek inderdaad dat de kanker terug was.” Twee dagen daarna starten een viertal zware, dagelijkse chemokuren. Maar daarbij krijgt Daan nóg een tegenslag te verduren: er treedt een herseninfarct op waarbij zijn halve lichaam verlamd raakt én hij niet meer kan praten. Bertine daarover: “Daan praatte zo graag en zo veel. Zelfs de CliniClowns dachten eerst dat het niet de Daan was die ze al jaren kenden. Totdat ze de ruimte in kwamen lopen en zagen dat het weldegelijk ‘hun’ Daan was. Hun Daan die nu helaas ook niet meer kon praten.”
De laatste weken van zijn leven zijn heftig. Daan blijft in het ziekenhuis. Als blijkt dat de chemo meer kapot maakt dan genezend werkt, zijn de opties ineens zeer schaars geworden; de nabehandeling stopt. De laatste dagen van zijn leven, heeft Daan thuis doorgebracht.
Op een avond zit hij tot laat te kleuren. Vader Erik vraagt of hij niet naar bed moet. Hij reageert kortaf met ‘nee’ en wijst naar buiten. Het is duidelijk: hij wil wachten tot z’n moeder thuiskomt. Bertine: “Daar heeft Erik een filmpje van gemaakt. Het is een filmpje dat ik koester. Wij waren twee in één. Ik voelde wat hij voelde en ik wist wat hij bedoelde.”
Op 20 juli 2016 is Daan overleden.  Bertine, met betraande ogen: “Onze sterke band is los. Ik heb hem los moeten laten. En dat is zó erg. Want hij is te leuk om te missen.”

Columns voor de EO

De periode daarna leeft de familie in een roes. Het verdriet is enorm. Toch zijn er veel kaartjes en veel lieve reacties die de pijn ietwat verzachten. “Zo kregen we bijvoorbeeld een kaartje van de CliniClowns. Daarin zat het toverdoekje van Daan. Hoe hard ik ook gehuild heb, toen ik dat zag; het doet je eveneens erg goed, wanneer je ziet dat anderen ook nog aan Daan blijven denken.”
Toch komen er ook onverwachtse dingen op Bertine’s pad. September vorig jaar is ze benaderd door de EO met de vraag of ze voor de site https://ikmisje.eo.nl/ niet een wekelijkse column wilde schrijven. “Het geeft me steun in het verwerkingsproces. Aan de andere kant is het altijd weer confronterend.” Confronterend door de lege plek in huis, confronterend door de onbeholpen opmerkingen die mensen soms maken, confronterend door de dingen waar je als ouder allemaal tegenaan loopt wanneer je kind overleden is. “Elke dag, elk uur en elke minuut denk ik aan mijn lieve Daan. In alles kom ik hem tegen. Maar dat zijn tegelijkertijd wel inspirerende onderwerpen voor mijn verhalen. En die wil ik blijven maken. Voor mezelf, voor onze omgeving, maar bovenal voor Daan…”

(dit verhaal is oorspronkelijk verschenen op het online magazine MoodKids)